VOM

De ondernemende overheid

De samenwerking tussen overheid en bedrijfsleven staat in grote projecten onder druk. Daar komt bij: de verwachtingen van de samenleving zijn hoog. Besteedt de overheid niet te veel uit en zou je ict niet een veel prominentere rol moeten geven in je bedrijfsvoering? Hoe verkleinen we het wantrouwen van overheid naar private partijen? Wat zijn nu de goede voorbeelden van samenwerking tussen het bedrijfsleven en overheid? Deze en andere vragen hebben de revue gepasseerd tijdens het Reuring!Café van donderdag 21 april jongstleden in de Glazen Zaal in Den Haag.

Host is Stepan Breedveld, CEO en lid van de Raad van Bestuur van Ordina en lid van de brancheorganisatie Nederland ICT. Wat maakt volgens hem dat de samenwerking tussen overheid en markt moeizaam verloopt? Breedveld: ‘Ordina heeft zich niet of nauwelijks kunnen verdedigen tegen de aantijgingen zoals uitgezonden door Zembla. Ik vind dat de hele ict-bedrijfstak hierdoor beschadigd is en ik twijfel of de overheid hier uiteindelijk bij gebaat is. Ook maken de aanbestedingen het verband tussen overheid en markt ingewikkeld. Bij aanbestedingen gaat het om complexe projecten waar de overheid de grootste ict-afnemer is. De ict is een belangrijk segment met unieke kenmerken’. Op de vraag wat de overheid en het bedrijfsleven hieraan kunnen verbeteren, luidt het antwoord van Breedveld dat de overheid te veel en te grote ict-projecten wil aanbesteden. Intrinsiek is dat al een fout model. De ict-industrie zou hier niet in mee moeten gaan en zou vaker ‘nee’ moeten zeggen.’
De eerste gast is Ab van Ravestein, sinds 1 oktober 2014 algemeen directeur van de RDW en voorheen directeur-generaal bij de Rijksdienst voor Ondernemend Nederland. Bij RVO had hij te maken met de verschillende dimensies van het bedrijfsleven. RVO had een dienstverlenende rol en assisteerde bij verschillende ontwikkelingen, er was sprake van een natuurlijke symbiose tussen bedrijfsleven en overheid. ‘Dat voelde bij EZ natuurlijk en goed aan.’ Bij de RDW is hij vooral bezig een product neer te zetten. Dus wordt op andere wijze naar symbiose gezocht met het bedrijfsleven. Van Ravestein: ‘Je zoekt actief naar partners in het bedrijfsleven die je bezighouden’.

Samenwerking
De tweede gast is Paulien Pistor, gemeentesecretaris van Eindhoven. Samen met het bedrijfsleven is Eindhoven bezig een grid te ontwikkelen om de toepassingen van licht naar een hoger niveau te tillen. ‘Met elkaar proberen goede oplossingen te vinden, standaard met eindgebruikers erbij. Het moeilijke is dat je tijd moet investeren in elkaar te begrijpen en niet zozeer elkaars belangen. Veel investeren in wederzijds begrip, daar heb je op den duur meer lol aan.’
Derde en laatste gast is Ton Hillen, lid Raad van Bestuur van Heijmans. Hillen: ‘Het ging niet goed met Heijmans. Dat had te maken met de aanbestedingen van de overheid bij grote infrastructurele werken en gebiedsontwikkeling. Ik was niet altijd blij met de overheid die alle risico’s over de schutting gooide en wij klaar stonden om het op te vangen. Dat was niet verstandig. Maar in de bouwsector waren weinig mensen die ‘nee’ durfden te zeggen.’
Hij stelt dat overheid en bedrijfsleven naar een samenwerking moeten waarbij anders met elkaar wordt omgegaan. En waarin de overheid risico’s sneller en beter inschat en de markt niet verantwoordelijk wordt gehouden voor alle risico’s.
Breedveld vindt dat het bedrijfsleven door de zware economische crisis mee is gaan buigen met de overheid. Daar komt nu een kentering in omdat het iets beter gaat met de economie. Hij is van mening dat de klassieke manier van aanbesteden niet meer werkt. Volgens Van Ravestein hangt dit af van de samenwerking die men voor ogen heeft. Dat kan alleen als er voldoende kennis in huis is. De overheid heeft soms te weinig know how in huis en dat is een gemiste kans.
Pistor: ‘Met elkaar proberen we goede oplossingen te vinden, nu ook standaard met eindgebruikers erbij.  ‘En aan innovatie de ruimte geven.’ ‘De nadruk op kwaliteit wordt steeds groter,’ zegt Van Ravestein. ‘De burger eist steeds meer kwaliteit en betere dienstverlening.
We kijken niet meer naar langer lopende verplichtingen omdat de technologie zo hard gaat. We zijn bezig een ict-coöperatie op te starten waarin we kleine stukjes ict willen ontwikkelen zodat we niet meer afhankelijk zijn van een paar grote spelers.’
Breedveld: ‘Misschien moet de overheid ophouden met het standaard kopen van applicaties en alleen maar updates kopen.’
Frequin: ‘Waarom laten we het aanbesteden niet voor het is? Bedrijven doen het tenslotte ook niet.’ Dat komt omdat de overheid een andersoortige speler is in verband met publieke verantwoording.
Er komen vragen uit de zaal. Volgens Wouter Stolwijk, directeur PIANOo, gaat het bij aanbestedingen te veel over juridische zaken en niet over inhoud. Juridisering wordt vooral veroorzaakt door het bedrijfsleven. Dat resulteerde in de Gids proportionaliteit en was volgens Van Ravestein juist bedoeld opdat de overheid geen onnodige eisen zou stellen. Volgens Stolwijk is juist het bedrijfsleven de grootste aanjager van de juridisering van het aanbestedingstraject.

Gesprek
Hillen vindt dat we aan het doorslaan zijn. In de vastgoedwereld ziet hij een tweespalt tussen overheid en bedrijfsleven ontstaan. ‘De inhoud bij een samenwerking staat steeds minder centraal en de juridische contractuele verhouding steeds meer. Je gaat van een projectorganisatie naar een contractuele organisatie’.
Frequin: ‘Is er dan geen mogelijkheid meer een gesprek te voeren?’ Hillen: ‘Jawel, maar dan over inhoud en samenwerking en niet over de wijze waarop.’
Breedveld sluit zich aan bij Hillen: ‘Ik ben al vijf jaar actief in de overheidsmarkt. Ik heb nog nooit zoveel juristen en juridische dossiers gezien als bij de overheid. Bij Ordina is daar speciaal een hele afdeling voor opgetuigd’.
Van Ravestein: ‘Kijk ook naar de rol van accountantsdiensten bij het rijk. Die gedragen zich als juristen.’
Stolwijk: ‘Ik vind aanbesteden helemaal niet nodig. Het idee dat inkopen van overheid anders moet zijn dan bedrijfsleven is achterhaald.’
Henk Heijkels, gemeente Den Haag, vindt dat het oplossingsvermogen van de overheid te weinig geprikkeld wordt door de markt. ‘Laat dat de markt zelf oplossen (bijv. huisvesting). Daar moeten wij ons niet druk over maken. Gewoon de doelen verwoorden. En deze uitdaging aan de markt voorleggen. Laat die het zelf oplossen.’
Breedveld benadrukt het belang van ‘klanttevredenheid’. ‘Nergens wordt gemeten of mensen tevreden zijn. Er ligt veel nadruk op kwantiteit. Formuleer daarom de goede KPI’s. Wij hebben geen klanten. Hoe kunnen we feedback geven op het belastingformulier. We hebben geen feedbackloops.’
We moeten de hand in eigen boezem steken, aldus Pistor. ‘Het blijft een zoektocht om in verbinding te staan met bedrijfsleven. Dat kan voor Eindhoven niet als enige een probleem zijn. Het is onze taak om te stimuleren om de randen op te zoeken en aansluiting te zoeken.’ Van Ravestein vult aan: ‘Klanttevredenheid ligt bij mij. Niet bij een ander. Wij zijn zelf in staat onze problemen op te lossen. En blijven daarbij in de lead. Zorg dus dat je voldoende kennis hebt om in de lead te blijven.’

Delen

Reageer

*

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *