Onze democratie is steeds meer een emocracy: een politiek systeem waarin emoties burgers mobiliseren. In haar nieuwe boek De Symfonie van onvrede laat Catherine de Vries zien hoe het verdwijnen van publieke voorzieningen en een afstandelijke overheid die emoties voeden. Radicale partijen spinnen daar politiek garen bij, zegt de hoogleraar politicologie aan de IE University in Madrid. ‘Democratie kan niet alleen draaien op efficiëntie en cijfers. Ze draait ook op erkenning, nabijheid en het gevoel dat de staat er voor je is.’
Ze onderzocht in haar nieuwe boek, dat 12 maart verscheen, hoe onvrede door overheidsbeleid ontstaat. Kern van haar betoog: de overheid moet mensen waardigheid en erkenning geven. Iedere keer als er een huisarts verdwijnt uit een dorp of een buslijn, verdwijnt de staat uit een dorp, zegt zij. Op de Excelsheet mag de bus wellicht inefficiënt zijn maar in het dorp wordt bekeken voor wie en waarom de bus nodig is. En dat heeft ook electorale gevolgen.
Ze haalt Duits onderzoek aan waaruit blijkt dat het politieke vertrouwen in buurten van een treinstation hoger is dan verder uit de buurt van een treinstation. Uit haar eigen onderzoek bleek dat mensen in het Verenigd Koninkrijk in buurten waar de huisarts sloot, meer sympathie voor radicaal-rechts ontstond terwijl dat eerder niet zo was.
Beleid verschraalt
De overheid moet op een andere manier naar haar burgers kijken. In het boek onderzoekt ze hoe onvrede ontstaat in Italië, Frankrijk, Duitsland, Nederland en het Verenigd Koninkrijk en hoe dat kiezers radicaliseert en in de armen van radicale partijen drijft. Overal is haar conclusie hetzelfde: het ontbreekt in Europa aan een nabije overheid.
New Public Management werkt verschraling in de hand, juist vanwege de nadruk op efficiëntie, cijfermatige grootheden en budget. Verschraling van publieke voorzieningen is er daardoor volop, ziet De Vries, het zijn vijf soorten. Ten eerste bezuinigingen, waardoor de bibliotheek sluit of de buslijn verdwijnt. De tweede is meer afstand, de middelbare school die sluit waardoor mensen naar een centrumgemeente moeten. Ten derde staat kwaliteit onder druk zoals kortere consulten bij de huisarts. De vierde is meer drempels zoals toenemende lange wachtrijen aan het loket – als dat er al is – of ingewikkelde digitale formulieren. En als laatste minder aandacht zoals een cliënt die geholpen wordt door een casemanager, terwijl een praatje bij het loket niet meer kan.
Verward en verweesd
De Vries stelt dat door het sturen op kwantitatieve maatstaven uit excelsheetjes, zoals uitsluitend geld en efficiëntie, de kwalitatieve maatstaven worden vergeten. En de burger blijft vervolgens verward en verweesd achter.
Dat geeft voeding aan radicalere denkbeelden die radicale partijen graag politiseren. Radicale partijen – in Nederland vooral radicaal-rechts – maken gebruik van het gevoel van moreel onrecht en vernedering en wijten het aan de migrant of aan de EU door het wij-zijgevoel op te blazen. Als er dan geld aan iets anders wordt uitgegeven – niet aan de bus in Hengelo maar wel aan de bus naar Ter Apel bijvoorbeeld – is het voor radicale partijen dus erg makkelijk het af te wentelen op de migrant of op Brussel en het wij-zijgevoel te versterken. Met de hulp van sociale media en traditionele media nemen middenpartijen dat over met als gevolg dat het vooral over het wij-zij gevoel gaat en niet meer over het tekort aan woningen, druk op de zorg of onderwijs. De Vries onderzoekt hoe politieke partijen die onvrede gebruiken voor eigen gewin maar de problemen waar de burgers mee kampen, laten liggen.
Tekst Simon Trommel
*Dit is het eerste deel van een artikel uit Publiek Denken 62: Next Gen Ambtenaar, lees hier verder.
