Naar verluidt was het een ingeving. Ingenieur Frank Blackmore trok verwonderd op met zijn auto toen het verkeerslicht op het kruispunt op groen sprong. Waarom besteed ik mijn oog voor verkeersveiligheid uit aan een systeem? Kunnen we niet veel beter elkaar aankijken? In 1972 bedenkt de Brit de rotonde. Rare kleine verkeerspleintjes, zegt men aanvankelijk. Waarna ook Frankrijk en Noorwegen ermee aan de slag gaan en ze vervolgens overal in Nederland opduiken. We hebben er vandaag de dag zo’n 5500. We zijn (per m2) Europees kampioen rotondes.
Iedereen die het juk van New Public Management afschudde, maakte mogelijk eenzelfde gewaarwording door. Waarom hebben we in hemelsnaam zo veel verantwoordelijkheden geëxternaliseerd naar iets wat buiten onszelf ligt en buiten de mogelijkheden van mensen onderling? De ingeving van Blackmore staat model voor een krachtig appel om mensen te helpen bij maatschappelijke opgaven eerst en vooral te onderzoeken hoe je wijzer wordt van elkaar. Systeemoplossingen kunnen altijd nog.
Mooi staaltje
Is het begin 2024 ingevoerde mobieltjesverbod in het onderwijs van een andere orde? Toen de druk opliep om de opmars van iPhones in goede banen te leiden, werd aanvankelijk om wetgeving geroepen. CDA-kamerlid René Peters ontmoette in 2023 hoon toen hij aandacht vroeg voor de afleiding van de mobieltjes en afnemende leerprestaties. Toen het ministerie van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap vervolgens gesprekken aanging met schoolbesturen, leerkrachten, ouders, leerlingen en de omringende belangenverenigingen, bleek alras hoe eenstemmig iedereen was over het hogere doel: die dingen moeten de klas uit. Het probleem was vooral: waar berg je ze dan op en hoe koesteren we de positieve kanten van ict voor het onderwijs? Een dringend advies was vervolgens genoeg: een verbod zonder wetgeving. Mooi staaltje rotondelogica.
Korte sprintjes
Wat wel kan, doopte Johan Remkes in 2023 zijn advies toen hij als gespreksleider (‘ik ben geen bemiddelaar’) een weg probeerde te banen voor strijdende agragische ondernemers, overheden en brancheorganisaties. Het motto resoneerde in de verkiezingscampagne van D66 en er zijn tal van verwante aanwijzingen te vinden. Appreciative inquiry rust als onderzoeksvorm op het onderkennen van de verlangens van publieksgroepen, om met die waarderende kennis te kijken naar de spreekwoordelijke doorwaadbare plaatsen. Klinkt in agile denken niet dezelfde grondtoon door: vermoei mensen niet met langetermijnplannen, ‘stippen op de horizon’ en dat soort managementtaal, maar help de korte termijn te overzien en elkaar daarover aan te spreken: korte sprintjes naar wat samen in het snotje kan worden gehouden. En dan weer door… Steeds weer zijn er in de recente geschiedenis sporen aan te wijzen van een benadering waarin bestuurders of ambtenaren in staat blijken om een verbinding tot stand te brengen door a) te onderkennen en b) te faciliteren wat mensen onderling verlangen en nodig hebben. Vaak ligt het gewoon op straat voor het grijpen, zoals de rotonde.
Tekst: Guido Rijnja
Beeld: Aad Goudappel
*Dit artikel verscheen oorspronkelijk in Publiek Denken 62: Next Gen Ambtenaar
