Soms moet je even chagrijnig zijn

14 okt 2025
Beeld: Shutterstock

Ik geef het eerlijk toe: we waren even chagrijnig. Na een stuk of vijftig afleveringen van de leiderschapsnacks in onze podcast over leiderschap en organisatieontwikkeling merkten we dat we steeds vaker bij dezelfde soort lessen uitkwamen. Alsof we in herhaling vielen. Was dat nou alles? Hadden al die uren voorbereiding en gesprekken niet meer moeten opleveren?

Tot een van ons zei: ‘Misschien moeten we niet teleurgesteld zijn, maar juist eens kijken of er rode draden zichtbaar worden.’

En precies daar gebeurde het. Daar waar we eerst vooral deductief bezig waren met theorieën testen, verbanden leggen en bewijzen zoeken, stapten we nu juist over op inductie. Niet langer de vraag: klopt deze theorie? Maar: wat zien we eigenlijk als we al die losse verhalen naast elkaar leggen?

Het vermogen om uit veel kleine observaties een groter patroon te destilleren! Een rode draad zien in je eigen losse verhalen! Uit de mist een prachtig landschap zien opdoemen! Dat is het mooie van het inductief kijken.

Opvallend is dat in veel universitaire opleidingen deductie nog altijd als de “hogere” vorm van denken wordt gezien. Studenten leren dat echte wetenschap begint bij het formuleren van een hypothese en die vervolgens toetsen aan de werkelijkheid. Inductie (het zorgvuldig observeren van wat zich aandient en daaruit patronen afleiden) krijgt vaak het etiket “voorstadium” of zelfs “onderbuik”. Alsof het pas telt wanneer het in een theoretisch model is gegoten.

Maar die hiërarchie is misleidend. Veel doorbraken zijn juist ontstaan door inductie: het zien van patronen in talloze losse waarnemingen. Denk aan Darwin die vogels op de Galapagos bestudeerde en ineens een theorie van evolutie kon formuleren. Deductie is de omgekeerde weg: vanuit een regel of hypothese kijken of de praktijk zich ernaar voegt.

In de wetenschap hebben we beide nodig. En in organisaties misschien nog wel meer. Want wie alleen deductief werkt, loopt het risico blind te worden voor wat zich daadwerkelijk aandient. Dan blijf je toetsen wat je al denkt te weten. Wie alleen inductief werkt, kan verdwalen in een veelheid aan signalen zonder richting of kader.

Voor ons mondde de inductieve weg uit in een kaartenset met 27 historische leiders. Allemaal met een bewezen succesformule binnen een bepaalde context en met een bepaalde aanpak. Te gebruiken om eens met een ander perspectief naar een bekend vraagstuk te kijken.

Wat mij dit leerde: soms moet je het chagrijn er even laten zijn. Het ongemak dat je “steeds hetzelfde” zegt, kan juist de ingang zijn naar iets nieuws. Want als het vaak terugkomt, zit er kennelijk meer in. En dan is inductie geen mindere vorm van redeneren, maar de route naar een rode draad die je eerder niet zag.

Dus de volgende keer dat je in je team merkt dat je in herhaling valt, stel jezelf niet meteen de teleurstellende vraag: hebben we dit nou niet al gezegd? Stel liever de nieuwsgierige vraag: wat vertelt deze herhaling ons eigenlijk? Het antwoord kan zomaar het begin zijn van iets dat groter is dan de losse puzzelstukjes.

 

Delen

Reageer

*

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *

Meer nieuws