Na een grote stijging zijn de energieprijzen enigszins gedaald. Maar spannend blijft het. Hoe zorg je dat energie betaalbaar blijft, ook voor de allerarmsten? Een gesprek met Annelies van Eekelen van het ministerie van Sociale Zaken en Arjan Vliegenthart van het Nederlands Instituut voor Budgetvoorlichting over de energietransitie.
Pas 2 jaar terug, maar het lijkt al lang geleden: in 2022 stegen de prijzen van gas en elektriciteit zo snel dat een prijsplafond werd ingesteld. De laagste inkomens kregen een energietoeslag. Eind 2022 kreeg ieder huishouden twee keer 190 euro teruggestort. Ook was er twee winters achtereen een Tijdelijk Noodfonds Energie waar overheid en energiebedrijven financieel aan bijdroegen. Inkomens tot 200 procent van het sociaal minimum met een hoge energierekening konden er een beroep op doen. ‘In 2024 zijn zo ongeveer 100.000 huishoudens geholpen bij het betalen van de energierekening,’ benadrukt Annelies van Eekelen, projectleider aanpak energiearmoede bij het ministerie van Sociale Zaken en Werkgelegenheid. ‘Omdat men zich ervan bewust was dat het veel vroeg van mensen om een aanvraag te doen, was het landelijk netwerk van lokale initiatieven dat vrijwillige hulp organiseert, nauw betrokken. Het netwerk hielp bij een (digitale) aanvraag.’
Dat dicht bij de mensen staan is iets wat we moeten vasthouden, zegt Van Eekelen. Nu de paniek van 2022 voorbij is, ligt de nadruk op luisteren naar wat mensen met een laag inkomen nodig hebben. ‘Kijk naar de energiecoaches en energiefixers. Zij gaan in steeds meer gemeenten op bezoek bij mensen thuis. Zo’n coach of fixer neemt met de bewoners plaats aan de keukentafel, overlegt over mogelijkheden om energie te besparen en zorgt voor kleine isolerende maatregelen. Zo ervaren de bewoners dat iemand echt komt luisteren en helpen. Het is gratis. De energiecoach kan soms ook helpen als iemand eenzaam is. Of in de schulden zit. Deze energiefixaanpak is de eerste ontzorgingsstap van de verduurzaming. Waarbij meteen duidelijk is dat het kunnen meekomen in de energietransitie veel meer vraagt dan dit.’ Die coaches zijn een deel van de oplossing, zegt Arjan Vliegenthart van het Nibud. Hij wijst erop dat zij vaak mensen bezoeken die toch al weinig energie gebruiken en nauwelijks mogelijkheden hebben om energie te besparen. ‘Dat blijkt ook uit een recent rapport van het Sociaal en Cultureel Planbureau,’ zegt hij. ‘Het grootste klimaatbewustzijn en de grootste vervuiling zit juist bij de mensen met hoge inkomens; grootgebruikers die bijvoorbeeld veel vliegen. Daar valt winst te behalen. Niet bij de laagste inkomens. Zij gebruiken de minste energie en dan ga je ze vertellen dat ze een tochtstrip moeten aanbrengen.’
*Dit is het eerste deel van een artikel uit PD 51: Samen werken aan beter NL
Lees hier verder waarom Annelies van Eekelen vindt dat de energietransitie ook een sociale transitie is.
Tekst: Jeroen Dirks
Beeld: Stephan van Leiden en Hilbert Krane

